Leisure world

M van museum (of van moedeloos)

september 21, 2009 · Laat een reactie achter

De opening van M in Leuven kreeg alle persaandacht. Musea in Vlaanderen zijn al lang niet meer de plekken waar je alleen mag kijken, waar de sfeer doods is, waar je passief blijft, …  Googelen op ‘interactief museum’, of ook ‘doe-museum’ geeft veel hits. Een beetje museum is tegenwoordig multimediaal, eigentijds, het laat je niet koud, je komt er veranderd buiten, je maakt er wat mee, het vertelt een verhaal, … We hebben het al ontelbare keren gelezen, we geloven het ook.

Toch bots ik op twee valse klanken: ten eerste blijft het museum op de eerste plaats een plek voor de elite. Als je de schoolkinderen buiten beschouwing laat (die zijn er vaak met dwang en in de bus naar toe gereden), geven alle statistieken van participatie aan dat musea enkel de hoger geschoolden aanspreken. Alle inspanningen van de overheid, die zwaar subsidieert, kunnen deze realiteit niet omkeren. Niemand die het nog snapt, want tegenwoordig zijn musea flashy, sexy, laagdrempelig, vrij in en uit, en soms ook open ’s avonds, en zelfs ’s nachts, zoals in de film, en op zondag gratis, of toch bijna, enz.. Wat houdt laaggeschoolden uit onze musea?

Ten tweede: zelfs onder jongeren, die tegenwoordig toch scholingsgraden halen waar onze grootouders maar konden van dromen, is de interesse voor musea maar dunnetjes. Vandaag hadden we het er terloops over in de les. Bij een vrije associatie-oefening rond het woord museum kwamen eerst de klassiekers (schilderkunst, beelden, kunst, …), maar ook gauw, en met algemene instemming, de negatieve connotaties van woorden als saai, vervelend, niet boeiend, …

Een moeilijke oefening staat ons nog te wachten: hoe maken we onze musea echt democratisch? Hoe trekken we ook jonge mensen aan? Musea zijn er om objecten te verzamelen, te bewaren en te tonen. Als veel mensen (grote groepen bevolking) niet komen kijken, gaat die laatste functie verloren. Hoe gaan de deuren echt open, zonder dat het museum zijn ziel verliest?

museum+m

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Op naar de winter

september 9, 2009 · Laat een reactie achter

Hilke Scheire  - Rock Werchter

De zomer is voorbij. De zomer van 2009 is niet meer. Typische zomerleisure kan weer opgeborgen worden. Pretparken bereiden zich voor op de Halloweenopening. De lijst met zomerfestivals, waar geen einde aan leek te komen, is helemaal uitgeput. Zondag gaat het open zwembad dicht. Opvallend toch hoe onze vrijetijdsbesteding seizoensgebonden is. We doen gewoon andere dingen als het mooi weer is.

Terugkijkend op deze zomer viel mij vooral één ding op: hoe sommige leisurebedrijven zich niets aantrokken van de crisis en een van hun beste seizoenen ‘draaiden’. Dat was bijvoorbeeld he geval van de zomerfestivals. Bijna allemaal haalden ze de hoogste toeschouwersaantallen ooit, met enkele uitschieters die meer dan 20 % winst boekten (in toeschouwers). Het totaalcijfer van één miljoen is ruim overtroffen. Hier en daar lees je een proeve van verklaring. De programmatie is van beter niveau, de meisjes halen de jongens in , de Vlamingen hebben minder gereisd en waren dus in het land en vrij voor festivals, het was bijzonder mooi weer, … Allemaal waar, maar net niet overtuigend genoeg. Waarschijnlijk is de hoofdreden dat de festivalidee nog lang niet heeft afgedaan, integendeel. De zomerfestivals lijken populairder dan ooit. Het viel me ook op dat in de Vlaamse pers dagelijks en uitvoerig werd gerapporteerd. Een goed idee dus, dat nog jarenlang mee kan. Enig negatief punt: de organisatoren klagen dat ze, ondanks de hoge opkomsten, nauwelijks uit de kosten komen. Zelfs de subsidies die de festivals krijgen lossen dat probleem niet op. Gevraagd: managers.

Iets gelijkaardigs is er aan de hand met de pretparken. Wie dacht dat die in crisistijd zwaar zouden lijden, dat mensen minder zouden komen en minder uitgeven, heeft zich ook hier vergist. Bellewaerde, Plopsaland, Walibi, Bobbejaanland, enz. Allemaal kenden ze een topzomer. Cijfers over omzet heb ik nog niet gezien, maar de bezoekersaantallen zijn heel behoorlijk. Afwachten of ze in het park ook evenveel gespendeerd hebben als andere jaren.

En dan zwijg ik nog over de zoo… Een goede zomer voor vrije tijd in Vlaanderen! Op naar de winter.

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Leve de crisis?

mei 2, 2009 · 1 Reactie

Tegenstrijdige berichten in de pers over hoe pretparken de crisis doorkomen. Er wordt trouwens nogal wat zin en onzin verkocht over de crisisbestendigheid van bedrijven. Van manifeste onwaarheden tot wishful thinking. Met hier en daar een waarheid.

Neem nu de bewering dat economische crisis een zegen is voor pretparkuitbaters. Ze zouden hun omzet plots zien stijgen met cijfers boven de 10 %. En de verklaring is simpel: door de crisis veranderen veel Vlamingen (en Europeanen) hun leisuregedrag. Lange en dure reizen worden geschrapt, en ter vervanging kiest de consument voor een korte trip naar een pretpark. Dat scheelt in de portefeuille.

Helemaal onlogisch is het niet. Economisten noemen dat het substitutie-effect (hier niet door stijgende prijzen maar door dalende inkomens.) Reizen naar de zon of skireizen, die misschien enkele duizenden euros kosten, worden vervangen door een dagje Bellewaerde of drie dagen Disneyland Parijs, waarvoor de kost eerder enkele honderden euros bedraagt. Leve de crisis!

Deze week las ik in De Standaard een kort artikel over Disneyland Parijs. Het was positief en negatief. Het pretpark ziet zijn bezoekersaantal verder stijgen (cijfers van eind 2008, de eerste crisismaanden), maar sommige groepen kennen ook een terugval (Engelsen, Spanjaarden), en de gemiddelde bezoeker consumeert ook minder in het park. Daarnaast, stond in het artikel, was er ook een achteruitgang in de immobiliënactiviteiten van de groep. Dat verklaarde waarom het park, met meer bezoekers, toch een omzetdaling liet optekenen (bijna – 4%).

Samengenomen leer ik er het volgende uit: het klopt waarschijnlijk dat de crisis een potentieel biedt voor pretparken. Goedkopere leisure vervangt dure leisure (citytrips, strandreisjes), en dus komen er meer bezoekers opdagen. Of dat ook blijft duren eens de crisis meer dan een jaar woedt, is een open vraag. Maar meer verontrustend zijn de cijfers over de uitgaven van die bezoekers. Elke bezoeker van een pretpark lijkt de crisis in zich te dragen, en let meer op de uitgaven. Zo kom je tot de eigenaardige conclusie die ook al in de trimestriële cijfers van Disneyland Parijs stak: meer bezoekers, minder inkomsten. Zo waren er bijvoorbeeld meer Franse bezoekers in Disneyland, maar minder overnachtingen in de parkhotels.

En wat is de les voor de parken zelf? Niets bijzonders. Typische crisisles: besparen op de kosten. Veel meer valt er niet te doen. Wordt vervolgd…

foto_23

→ 1 ReactieCategorieën: Uncategorized

Rome

april 16, 2009 · Laat een reactie achter

Een citytrip naar Rome bracht mij twee bedenkingen

Het Colosseum blijft een grote leisureplek, een leisuredome avant la lettre. Met de markt van het forum Romanum, vlakbij, deed het me even denken aan recente projecten waar winkels en een sportstadion ook samengaan. Ja, het Colosseum was natuurlijk niet echt een sportstadion. Wel qua capaciteit (meer dan 50.0000 toeschouwers), maar niet helemaal qua activiteit. De gladiatorengevechten vormden een heel bijzondere vorm van entertainment, die ons normbesef nu gelukkig niet meer aanvaardt. Op Wikipedia lees ik dat in al die jaren (4 eeuwen) tussen de 300.000 en de 500.000 mensen in het Colosseum zijn gestorven. Het gebouw blijft voor de bezoeker wel een indrukwekkende leisureplek. Terwijl ik het Colosseum bezocht, werd op enkele kilometer daarvandaan het Romeinse voetbalderby gespeeld (Lazio-AS), voor 80.000 toeschouwers. In het moderne Colosseum, het Stadio Olimpico. Ook daar waren veel doelpunten, veel passie, drie rode kaarten. Gelukkig geen doden.

Opvallend veel Vlamingen ook, in Rome. We liepen zomaar op twee kennissen van ons, die dezelfde stad hadden gekozen als bestemming. Veel groepen schoolkinderen waren er ook, want de Italiëreis blijft bij de toppers van de schoolreizen van de laatstejaars van het secundair onderwijs. Ook zij gooien geldstukken in de Trevifontein, lopen kilometers door het Vaticaans museum op zoek naar de Sixtijnse kapel, hopen een glimp van de paus op te vangen rond het Sint-Pietersplein en bezoeken het Colosseum. Zij reizen met de bus.

Veel andere Vlaamse toeristen hebben geprofiteerd van de lage prijzen van de (low cost) vliegtuigmaatschappijen. Zowel Ryanair als SN Brussels Airlines boden interessante tarieven aan. Wachtend op de luchthaven constateerde ik (als leisurewatcher kon ik het niet laten) dat de wachtrijen voor Girona, Rome, Madrid, Milaan, enz.. uit bijna allemaal jonge mensen bestonden. Jonge toeristen zijn booming business!

rome-162

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Fitness in Vlaanderen

maart 28, 2009 · 1 Reactie

Zelf kom ik er ook af en toe. En ben ik verwonderd over de trouw, de gedrevenheid, de overgave waarmee Vlaanderen fitnesst. In een beetje stad is er al snel een goed uitgebouwd fitnesscentrum. In grotere steden twee, drie of vier. De structuur van de markt is de laatste jaren ingrijpend gewijzigd: twee grote groepen, HealthCity en Passage Fitness hebben het voor het zeggen in Vlaanderen. Deze week ontvingen we op KATHO Dick Vande Vyvere, stichter van Passage en Managing Director van Passage Fitness First in België en Luxemburg.

De situatie van Belgische fitnesscentra verschilt veel met die van de Nederlandse. Twee cijfers maken alles duidelijk: in Nederland fitnesst 16 % van de bevolking. In België is dat … 3,7%. Wij worden dus met drie straatlengtes geklopt, en de achterstand halen we nooit meer in. Dick Vande Vyvere ziet twee grote redenen voor dat verschil: de graad van urbanisatie, en de tussenkomst van de overheid.

De Nederlandse bevolking woont (en werkt)  inderdaad vooral in grote steden. De lijst van steden boven de 100.000 inwoners telt er 25 eenheden (van Amsterdam tot ’s Hertogenbosch). In België komen we aan … 8. Dat verklaart al voor een groot stuk de veel lagere penetratie van fitness. Het gaat om een bij uitstek stedelijke sport. Mensen die in grote steden wonen heben een ander bestedingsgedrag: ze geven relatief weinig uit aan huis en tuin, maar des te meer aan outdoor leisure.

Een tweede reden is de (beperkte) rol die bij ons de overheid speelt. Er is wel eens sprake van stimuli op grote schaal, maar veel verder dan een bescheiden tussenkomst van het ziekenfonds komen we hier niet. In Nederland maakt de overheid het bijvoorbeeld fiscaal bijzonder interessant voor bedrijven om de medewerkers aan het fitnessen te zetten. Fitnessen voor, tussen of na de kantooruren bijvoorbeeld. En ook de communicatie (via de pers bijvoorbeeld) is bij ons minder aanwezig dan bij onze Noordenburen. De stuntelige campagne die de Vlamingen wil doen Sportelen is daar een pijnlijk voorbeeld van.

We eindigen met een positieve noot: fitness is volgens Dick Vande Vyvere behoorlijk crisisbestendig. De wil om er gezond en goed uit te zien laat zich niet van streek brengen door enkele crisisjaren. Alleen additionele diensten, die wij als luxe ervaren, zouden wel lijden: jammer voor de zonnebankfanaten. Zij zullen er deze zomer witter bij lopen.

technogym

→ 1 ReactieCategorieën: Uncategorized

Vraag het aan de theatermanager

maart 24, 2009 · Laat een reactie achter

Enkele opmerkelijke dingen gehoord tijdens de Leisure-masterclass van theatermanager Kinepolis Kortrijk Bjorn Vandemeulebroeke. Heerlijk trouwens om zo vrij van gedachten te kunnen wisselen, zonder voortdurend aan te botsen tegen een fervente verdediging van de officiële bedrijfspolitiek.

Dat bioscopen het moeilijk hebben, heeft hij niet ontkend. Het gaat om een dalende markt. De concurrentie van andere leisureaanbieders (karting, bowling, de hele uitgaansmarkt) is groot. En de nieuwe cocooninggolf helpt ook al niet. Er is de laatste jaren zoveel geïnvesteerd in home cinema, in televisies en computers met grote schermen, met  geluidsweergave die de cinema-experience evenaart, met digitale mogelijkheden (on demand) en hi-definition beelden. Wie heeft nog de bioscoop nodig? En hoe kan de bioscoop zich onderscheiden, wat is de USP? Een beetje cinefiele internaut lijkt trouwens snel (snelle dan de bioscopen) (illegale) kopies van de films te kunnen bekijken, en is de officiële Belgische release dikwijls voor. Geef toe: het heeft er ooit beter uitgezien.

Er waren nog andere negatieve klanken: zo kreeg onze gastspreker af en toe de indruk dat de bioscoop mer en meer gebruikt (misbruikt?) wordt als promotietool voor de DVD-release (waar blijkbaar meer mee te verdienen valt). En wat te denken van de reflex om de minder rendabele zalen plat te gooien en te verkopen aan immobiliënmaatschappijen, die er dure flats op bouwen?

Nog een probleem: de veiligheid in Brusselse (de rand) filmzalen, die zo problematisch is geworden dat zelfs de programmering er onder lijdt (bepaalde films niet om 22.30 u).

Het lijkt één en al ellende. Dat was het niet tijdens de masterclass. Maar we hebben wel begrepen dat theatermanager in een bioscoop niet de makkelijkste job is voor de komende jaren. Niet creatievelingen of tere zielen: blijf uit de buurt!

kinekorfoto410

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

Wie wil (niet) miljonair worden?

februari 25, 2009 · Laat een reactie achter

Het kan niet genoeg benadrukt worden: wie van vrije tijd een studieobject maakt, haalt best zijn neus niet op voor televisie. Het medium zou op z’n retour zijn, digitale innovaties ten spijt, en is uit de gratie van de jongeren geraakt. Klopt. Maar betrouwbare cijfers tonen aan dat de gemiddelde Vlaming (en ja, daar zitten inderdaad veel oudere mensen tussen) meer dan de helft van zijn vrije tijd opgebruikt voor de televisie. 

Televisie hebben ze trouwens overal. In de rijkste buurten en in de armste sloppenwijken vergapen mensen zich aan de bewegende beelden. Dat was een van de dingen die me opvielen toen ik een paar weken terug de film Slumdog Millionaire zag.  Ze kijken allemaal televisie, en ze kijken zelfs naar dezelfde beelden. Dezelfde formats. De hele film draait rond de fascinatie van televisiekijkend India voor “Who Wants To Be A Millionaire”, en voor de onverklaarbare successen die een ’slumdog’ zonder scholing in die quiz boekt.

De film is de grote overwinnaar van de Oscarverkiezing, en was ook al de favoriet van iedereen. Iedereen kent het format namelijk. Ook wij. De quiz liep op VTM sinds de winter van 1999, en kende enkele jaren groot succes. Quizmaster Walter Grootaers  gooide kwistig met de (toen nog) franken. In februari 2000 won bij ons voor het eerst een kandidaat 10 miljoen frank. In een krantenartikel uit die tijd zegt een vertegenwoordiger van Endemol (productiehuis met de rechten voor het format in Vlaanderen): ” Om dat bedrag te winnen moet je niet slim of geleerd zijn. De vragen veronderstellen eerder een soort praktische bagage”. Een mooie introductie voor de Oscarwinnende film…

Het format Who Wants To be A Millionaire komt uit Engeland. Celador Productions, een productiehuis uit Londen, was de uitvinder (ook al is daar al veel om te doen geweest sindsdien, ook voor de rechtbank. Begrijpelijk met zo’n simpel format). Het is een heel simpel concept, dat de wereld is rondgegaan, en overal even succesvol blijkt te zijn. Iedereen kan miljonair worden. Een beetje geluk (keuze tussen 4 antwoorden) en wat hulp (hulplijn en andere assistentie) spelen daarbij een grote rol. Ook in de film.

Endemol, het Nederlandse productiehuis dat sterk is in internationale formats, heeft lang interesse getoond om het format te kopen, maar uiteindelijk hebben ze zich moeten tevreden stellen met een licentie voor een aantal landen. In 2008 werd Who Wants To Be a Millionaire uiteindelijk verkocht aan het Japanse Sony Pictures Entertainment, voor 137 miljoen pond.

De film (Slumdog Millionaire) was nooit zo populair geworden, als de bioscoopbezoeker over de hele wereld er het bekende format niet had in herkend. De Oscar voor de beste film gaat dit jaar dus naar … de televisiekijkende wereldbevolking.

slumdogmillionaire_200811051410

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

good leisure / bad leisure

februari 11, 2009 · 1 Reactie

Vandaag in de krant: gratis leesboek voor kinderen. 63.000 exemplaren van “Van nu en nog heel lang” liggen te grabbel in de openbare bibliotheken van Vlaanderen. Zomaar voor niets. Ter ondersteuning van de leesgoesting van de Vlaamse kinderen. Een nobel initiatief van de Stichting Lezen, die in opdracht van de Vlaamse minister van cultuur Bert Anciaux aan leesbevordering doet. Enkele pagina’s verder staat er ook een artikel van de cultuurredactie, getiteld “Lezen is investeren”, waarin onder andere staat dat ook de ouders en de leerkrachten de actie moeten ondersteunen. Uit een derde artikel, allemaal over dezelfde actie, verneem ik dat het initiatief 360.000 euro kost. Veel gemeenschapsgeld.

Voor de bevordering van sport bestaan er vergelijkbare initiatieven. Gemeenten,  provincies en de gemeenschap ontwikkelen allerlei initiatieven om de Vlaming aan het sporten te zetten. Onder de kostprijs.  Soms lees ik dat die acties zichzelf terugbetalen, want alle sportende Vlamingen kosten straks minder aan de gezondheidszorg.

Lezen en sporten staan, althans volgens de overheid, in de linkerkolom. De kolom van de Goede vrije tijd. Bezigheden die moeten worden gestimuleerd. Daar lijkt een consensus over te bestaan. In diezelfde kolom staan bijvoorbeeld ook theater, of taallessen volgen, en ook bloemschikken.

In de rechterkolom staan meer neutrale bezigheden. Niet dat ze daarom slecht zijn (dat woord is al lang niet meer politiek correct). Op café gaan, bowlen, naar de film, gamen, enz. worden niet door de overheid gesubsidieerd. Zij zijn, vermoeden wij dan, maatschappelijk minder relevant (minder vormend, minder verheffend, …)

Wij zijn de laatste om die tweedeling in twijfel te trekken. Overheidsgeld is niet onuitputtelijk, en dus moeten er sowieso keuzes worden gemaakt. En ik heb geluk: sporten en lezen zijn nu precies mijn favoriete bezigheden. Alleen vragen we ons af of ze wel zinvol is, nog van deze tijd. Is de essentie van vrije tijd niet dat de consument die vrij kan kiezen? En daar heeft hij geen sturende overheid voor nodig. Tegen je zin een boek lezen is volgens mij minder zinvol dan lekker ontspannen pokeren.

foto_cover

→ 1 ReactieCategorieën: Uncategorized

Cocooning 2.0

januari 20, 2009 · Laat een reactie achter

Golven hebben de vervelende (of juist aangename) eigenschap dat ze snel voorbijgaan. Je denkt te kennen, te begrijpen, maar voor je het weet is die kennis achterhaald. Dat geldt ook voor vrijetijdsmanagement. Ik las in de krant een aantal artikels de laatste week over het nieuwe cocoonen (trendwatcher Herman Konings noemt het Cocooning 2.0). In de jaren ‘80 kozen veel mensen voor leisure binnenshuis, voor zich afsluiten van de anderen (het gezinnetje maakt het thuis gezellig). De reactie daarop, in de jaren ‘90, was er een van terug naar buiten komen, met z’n allen de straat op, op café, op restaurant, naar optredens, .. En nu blijkt ook die golf weer voorbij. Cocooning 2.0 dus. Onze twee bekenste trendwatchers, Herman Konings van NXT en Nathalie Bekx van Bexpertise lijken het daarover eens te zijn.

Enkele cijfers eerst: we hebben in 2008 met z’n allen zwaar geïnvesteerd in leisure binnenshuis. We blijken in België in dat jaar 844.000 flatscreentelevisies gekocht te hebben, de ene al groter dan de andere. We haalden ook op grote schaal digitale televisie in huis, en we beginnen massaal programma’s op aanvraag te bekijken. 2008 was ook een recordjaar voor Nintendo, dat met de Wii alle records klopte. Naar de verkoop van de S.O.S Piet-boeken te oordelen, koken (en eten) we ook weer gezellig thuis.

Tegelijkertijd loopt het bioscoopbezoek terug, en discotheekbezoek nog spectaculairder (lijkt gehalveerd in 10 jaar). We komen alleen nog buiten voor echte evenementen, voor topfestivals, voor concerten van de enkele grootheden.

Cocooning 2.0 is, net zoals Web 2.o, allesbehalve asociaal. Dat we thuis genieten van onze vrije tijd hoeft niet te betekenen dat we dat alleen doen. Integendeel. We nodigen vrienden uit, we gaan bij anderen op bezoek, we kijken samen naar een film … thuis. Hoe verklaar je anders de opkomst van de woonkamerconcerten, initiatieven als cinema aan huis (ciné privé in Gent). En de leisure thuis heeft het grote voordeel dat de marginale kost (eens de investering gemaakt) laag is.  Ideale crisisleisure dus: we investeerden in 2008, toen er van crisis nog geen sprake was, en besparen op leisure buitenshuis in 2009.

flat-screen-tv

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized

cijfers voor cinema

januari 11, 2009 · Laat een reactie achter

Weer slechte cijfers voor bioscoopbezoek in 2008. Ik lees in de persteksten veel verklaringen: weinig blockbusters uit Amerika, te warm in de zomer, te koud of te nat in de winter, enz. De nochtans succesvolle Belgische film Loft en de nog grotere Franse kaskraker Bienvenue chez les Ch’tis hebben de meubelen niet kunnen redden. 21,2 miljoen tickets zijn verkocht in 2008, en dat is 3,7 % minder dan in 2007.

De laatste jaren schommelen de cijfers trouwens sterk. 2006 was een topjaar, met bijna 24 miljoen bezoekers. 2005 en 2007 waren minder rooskleurig. Enkele topfilms kunnen het verschil maken tussen een goed jaar en een gewoon jaar. Als we de evolutie op langere termijn bekijken, moeten we opmerken dat het bioscoopbezoek in Vlaanderen stagneert of lichtjes terugloopt. De positieve cijfers van de jaren 90, met continue stijging, halen we niet meer. Zelfs een paar blockbusters kunnen die evolutie niet tegengaan. De verklaring is, vrees ik, structureler van aard. De concurrentie van grotere schermen voor televisie, allerlei home cinema producten, misschien ook van piraterij, is groot, en zal niet meteen verminderen. Zelfs de creativiteit van onze bioscoopuitbaters is daar niet tegen opgewassen.

→ Plaats commentaarCategorieën: Uncategorized